Zoeken
  • Lidwien van den Broek

Voedertijd

In de eerste week van het nieuwe jaar, staat er een norse, gefrustreerde cliënt op de stoep. Een van haar krachtige kwaliteiten, zichzelf de put inpraten, heeft de laatste tijd de overhand gekregen. De taal die zij gebruikt, met generalisaties als ‘alles’, ‘iedereen’ en ‘nooit’, nam haar mee in een neerwaartse spiraal en ze weet even niet meer hoe daaruit te komen.


In de loop van onze sessie vertel ik haar een verhaal dat is afgeleid van een oude Cherokee-legende. Deze gaat over de strijd tussen twee wolven in ieder mens. De witte wolf is vriendelijk, zachtaardig, trouw, vol mededogen, hoop en liefde en de zwarte is boos, wrokkig, verdrietig en vol zelfmedelijden.

De kleinzoon die van zijn opa hoort over de strijd tussen deze wolven, vraagt hem: ‘Opa, welke wolf in mij zal het gevecht winnen?’ Zijn opa antwoord: ‘Degene die jij te eten geeft’.


Ik neem mijn cliënt mee in een beeld van haar twee wolven die ze als het ware voor haar karretje kan spannen om haar te brengen naar waar ze heen wil. Beide wolven zijn nodig om die kar te trekken, maar omdat de zwarte wolf veel voeding krijgt en daardoor sterker is geworden, bepaalt hij de richting en de witte wolf sukkelt er wat achteraan.

Om niet alleen te snappen, maar ook te voelen waar het over gaat, laat ik haar zichzelf en haar twee wolven opstellen. Op de verschillende plekken onderzoeken we wat ze daar ervaart en ik vraag haar met name naar haar fysieke reacties. Ze ervaart wat verschillen in stabiliteit en mate van rust in haar lijf. Wat verder in het proces, onderzoekt ze op de plek van de witte wolf wat deze nodig heeft om te groeien, waardoor er een betere balans tussen de twee wolven kan komen.

Als ik de wolf een paar van de zinnen laat horen die zij zo vaak naar zichzelf uitspreekt, breekt er op haar gezicht een voorzichtig glimlach door. Ze voelt heel goed dat ‘Het wordt toch nooit wat’ en ‘Ik kan het toch niet’, niet de voeding is waar de witte wolf op zit te wachten. We proberen wat zinnen uit die wél kunnen helpen en die de wolf krachtiger maken. In de zinnen zit bijvoorbeeld de erkenning voor haar harde werken, haar doorzettingsvermogen en haar liefde. Ze voelt de witte wolf steviger en stabieler worden en beetje bij beetje zie ik haar ontspannen.

Als ik haar vraag hoe het inmiddels met de zwarte wolf is, verandert haar glimlach in de volle lach die haar plots tot de mooie vrouw maakt die ze is. ‘Geen idee’, zegt ze verrast, ‘die is er even niet!’.


Zo blijf ik me iedere keer toch weer verbazen over de kracht van dit werk. Natuurlijk kan ik haar de kennis meegeven van wat er gebeurt als ze de focus richt op wat ze wél wil, maar daarmee vergroot ik haar kennis en hoeft dat nog niet persé verandering te brengen. Echte verandering is lijfwerk! Als het lijf niet mee doet, blijft het een idee, een concept.

‘Waar je aandacht aan geeft, dat groeit’, is al een eeuwenoude wijsheid, die voor mijn cliënt direct voelbaar werd. Het mooist werd dat zichtbaar in haar verbaasde, volle lach.


Ik houd van coachen op deze manier en ervaar ook vaak hoe lastig het is voor mijn cliënten om kennis in een voelbare vorm te brengen in het dagelijks leven. Als je weet welke wolf in jou voeding nodig heeft, hoe zorg je er dan voor dat je deze ook werkelijk voedt? Zoals in dit voorbeeld met gezonde, liefdevolle, benaderende en versterkende taal.

Daarom bieden mijn collega en ik ook al jaren trainingen aan in kleine groepen, die ondersteunend zijn in deze processen. Alles begint met bewustwording. Bewust worden van wat ons, vaak nog onbewust, beïnvloedt. Vaak ingegeven door liefde en loyaliteit, ooit ergens goed voor geweest, maar voor een aantal van die dingen geldt dat ze nu niet meer helpend zijn.

De (familie)opstellingen, die een belangrijk deel van de training invullen, geven zicht op overlevingsstrategieën en afweermechanismen die in je kinderjaren weliswaar gewenst of zelfs noodzakelijk waren, maar nu je levensvreugde en vitaliteit belemmeren.


Het blijft dus niet bij theoretische kennis, maar we nemen je mee naar een diepere laag waar veranderingen gevoeld en ervaren worden. Ideeën en dat wat je voor waar aan hebt genomen, kunnen veranderen vanuit een gevoelde ervaring. ‘Dat is niets voor mij’, zeg je, tot je een ervaring hebt dat je er heel blij van wordt en dat het dus wel iets voor jou blijkt te zijn. Of je ervaart dat het klopt wat je vertelde. Dat kan natuurlijk ook. Dan is wat je vertelt geen theoretisch verhaal meer, maar vertel je over jou.

Je kunt wel weten dat je veel te veel verantwoordelijkheid neemt, maar als je in een opstelling kunt zien in relatie tot wie je dat patroon hebt ontwikkeld en ook werkelijk in je lijf kunt voelen wat het je heeft gekost of nog steeds kost, wordt het makkelijker die patronen los te laten en de vitale levenskracht weer te laten stromen.


Wat eenmaal ervaren is, kan nooit meer niet ervaren zijn. Wat eenmaal gevoeld is, kan nooit meer niet gevoeld zijn. Er gaat een andere vrouw de deur uit dan die anderhalf uur daarvoor binnenkwam. Een met een glimlach. De beweging uit de put is ingezet.


96 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven